Kennis
Wat is FFMI en wat is jouw natural plafond
Mark de VriesIFBB Pro Bodybuilder · 12 jaar competition

Diepe uitleg van Fat-Free Mass Index (FFMI), de Casey Butt-formule voor natural genetic potential en hoe AAS-gebruik dat plafond verschuift.
"Hoe groot kan ik worden zonder iets te gebruiken?" is misschien wel de meest gestelde vraag in fitness-discussies. Het antwoord hangt af van factoren die je grotendeels niet kiest, zoals genetica, lichaamsbouw en lengte. Training, voeding, slaap en jarenlang consistent blijven kun je wel beïnvloeden.
Er is ook een meetbare bovengrens: je natural plafond. Je kunt die inschatten met de Fat-Free Mass Index (FFMI) en het Casey Butt-model. Beide helpen je bepalen hoeveel spiermassa je waarschijnlijk van nature op jouw frame kunt dragen. We kijken ook naar hoe AAS-gebruik dat plafond verandert.
Wat is FFMI?
FFMI is een simpele manier om te bekijken hoeveel vetvrije massa je draagt in verhouding tot je lengte. FFMI staat voor Fat-Free Mass Index. Het lijkt op BMI, maar BMI gebruikt je totale gewicht. FFMI gebruikt alleen je vetvrije massa (FFM): alles behalve vet, waaronder spieren, botten, organen en vocht.
De basisformule is:
FFMI = vetvrije massa (kg) / lengte² (m)
Een voorbeeld. Stel: je bent 1,80 m, weegt 85 kg en hebt 15% lichaamsvet:
- Vetmassa = 85 × 0,15 = 12,75 kg
- Vetvrije massa = 85 − 12,75 = 72,25 kg
- FFMI = 72,25 / (1,80 × 1,80) = 72,25 / 3,24 = 22,3
De normalisatie
Hier zit een kleine complicatie. FFMI valt iets gunstiger uit voor langere mensen, omdat dezelfde hoeveelheid spier op een groter frame minder massief oogt. Daarom gebruikt de literatuur vaak de genormaliseerde FFMI. Die corrigeert de score naar 1,80 m als referentielengte:
FFMI_norm = FFMI + 6,1 × (1,80 − lengte in m)
In het voorbeeld hierboven blijft de waarde 22,3, omdat de persoon precies 1,80 m is. Iemand van 1,70 m met dezelfde absolute spiermassa zou daarentegen een gecorrigeerde FFMI van 22,9 hebben.
Wat zijn realistische FFMI-waardes?
Deze waardes geven je een praktische referentie voor je FFMI. Ze zijn gebaseerd op de klassieke studie van Kouri et al (1995). Die studie berekende FFMI bij Mr. America-winnaars uit de periode vóór steroïdengebruik (voor 1958), moderne natural bodybuilders en bodybuilders die gebruikten:
- FFMI 16-19: normale, niet-trainende man
- FFMI 19-22: recreatief krachttrainend, 1-5 jaar consistent
- FFMI 22-24: gevorderde natural lifter, 5-10+ jaar serieuze training
- FFMI 25: het bekende "natural plafond" — Mr. America-winnaars 1939-1958 zaten gemiddeld op 25,4
- FFMI 26-28: gevorderde AAS-gebruiker met goede genetica
- FFMI 28+: alleen mogelijk met meerdere jaren AAS-gebruik en uitzonderlijke genetica
Dit zijn geen harde grenzen. Er zijn natural uitschieters boven 25 en gebruikers onder 22. Als populatiestatistiek beschrijft FFMI 25 wel vrij accuraat waar 99% van de natural lifters na een decennium training tegenaan loopt.
Het Casey Butt-model
Het Casey Butt-model maakt de schatting persoonlijker. Casey Butt, onderzoeker en bodybuilder, ontwikkelde een model dat je natural plafond inschat op basis van je lengte, polsomvang en enkelomvang. Het uitgangspunt is dat de dikte van je polsen en enkels iets zegt over de grootte van je skelet en hoeveel spiermassa je frame waarschijnlijk kan dragen.
De Casey Butt-formule voor maximaal vetvrij gewicht in pounds bij ~10% lichaamsvet:
FFM (lbs) = H^1.5 × (W/22.6667 + A/16) × (10/224 + 1)
waarbij H = lengte in inches, W = pols in inches, A = enkel in inches
Dit zijn de praktische waardes voor verschillende lengtes, uitgaande van een gemiddelde pols- en enkelomvang:
- 1,75 m (5'9"): ~ 78-82 kg FFM bij 10% bf = ~ 87-91 kg totaal
- 1,80 m (5'11"): ~ 82-86 kg FFM bij 10% bf = ~ 91-96 kg totaal
- 1,85 m (6'1"): ~ 87-91 kg FFM bij 10% bf = ~ 97-101 kg totaal
- 1,90 m (6'3"): ~ 92-96 kg FFM bij 10% bf = ~ 102-107 kg totaal
Een natural lifter van 1,80 m die 95 kg bij 10% lichaamsvet bereikt, zit aan de bovenkant van wat dit model voorspelt. Zonder uitzonderlijke genetica is een hogere waarde statistisch onwaarschijnlijk zonder hormonale ondersteuning.
Hoe verschuift AAS dat plafond?
AAS kan het natural plafond duidelijk verhogen. De meest geciteerde studie hierover is Bhasin et al 1996 (NEJM). Daarin zorgde 600mg testosteron-enantaat per week, zelfs zonder training, voor meer spiermassa dan natural training. Met training was het verschil nog groter.
Praktische cijfers uit verschillende studies en observaties:
- Eerste kuur (testosteron mono, 8-12 weken, 400-500mg/week): typisch +4-8 kg FFM behouden na PCT — wat FFMI met 1-2 punten kan verhogen
- Meerdere kuren over jaren: opgetelde spiergroei kan FFMI naar 26-28 brengen, een niveau dat 99,9% van natural lifters nooit haalt
- Blast & cruise / langdurig gebruik: FFMI 28-32 ligt binnen bereik bij goede genetica, dieet en training
- "Mass monster" bodybuilders (Olympia-niveau): FFMI vaak 35-40, alleen mogelijk met decennia van significant gebruik
Wat AAS niet doet
AAS verandert je skelet niet. Je polsdikte, schouderbreedte en lengte liggen na je vroege 20s in principe vast. Iemand die van nature smal gebouwd is, kan ook met AAS minder absolute spiermassa dragen dan iemand met een breder frame en andere genetica.
De Casey Butt-formule rekent met natural maxima. AAS verlegt het plafond bovenop dat skelet, maar bouwt je skelet niet opnieuw. Houd je verwachtingen dus realistisch.
Hoe meet je je FFMI accuraat?
Je lichaamsvetpercentage is de zwakke schakel in elke FFMI-berekening. Daar ontstaat de meeste meetfout. Dit zijn de opties, gerangschikt op nauwkeurigheid:
- DEXA-scan: goudstandaard, ±1-2% nauwkeurig. Kost in NL ~150 euro, beschikbaar in sport-medische centra
- Hydrostatic weighing / Bod Pod: ook zeer nauwkeurig, vrijwel niet meer beschikbaar in NL
- 3- of 7-site skinfold caliper (door ervaren persoon): ±3-4% mits goed uitgevoerd
- InBody / bio-impedantie: ±5-8%, sterk afhankelijk van hydratatie en moment van de dag
- Visuele schatting / online calculator: ±5-10%, te wisselvallig voor harde uitspraken
Voor een serieuze FFMI-meting wil je minimaal een fatsoenlijke DEXA-scan. Anders kun je met 5-10% meetfout zitten. Dat kan 2-3 FFMI-punten schelen: precies het verschil tussen "advanced natural" en "duidelijk gebruiker".
Wat betekent dit als je een kuur overweegt?
Deze punten helpen je om een nuchtere afweging te maken:
- Als je na 2-3 jaar training nog onder FFMI 22 zit, ligt je natural plafond waarschijnlijk nog ruim hoger. Je hebt dan letterlijk nog jaren aan natural progressie voor je. Een kuur op dat moment betekent dat je werk overslaat dat je nog kunt doen.
- Als je rond FFMI 24-25 zit na 8-10 jaar consistente training, zit je waarschijnlijk dicht bij je natural plafond. Verdere significante groei vereist hormonale interventie. Dat is een legitieme afweging, maar maak die bewust.
- Een kuur verlegt je plafond, maar je erfelijke frame-grenzen blijven bestaan. Verwacht geen Phil Heath-fysiek bij een Olivia Newton-John-skelet.
- Blijvende veranderingen aan je hormoonsysteem en cardiovasculaire risico's zijn de prijs voor het oversteken van dat plafond. Lees onze testosteron-suppressie review en cardiovasculaire review voor de concrete cijfers.
Conclusie
FFMI is geen mystiek getal. Het is een meetbare schatting van hoeveel vetvrije massa je op jouw frame draagt. Het Casey Butt-model voegt daar een correctie voor je individuele frame aan toe. Samen geven ze een eerlijker antwoord op de vraag: "ben ik aan mijn natural plafond?"
Voor de meeste lifters is het antwoord nee: je bent er nog niet. Voor een kleinere, serieuze groep is het antwoord wel ja. Dan is de keuze om voorbij dat plafond te gaan geen trainingsvraag, maar een persoonlijke medische afweging.
Verder lezen
Bronnen
- Kouri EM et al. Fat-free mass index in users and nonusers of anabolic-androgenic steroids. Clin J Sport Med. 1995
- Bhasin S et al. The effects of supraphysiologic doses of testosterone on muscle size and strength in normal men. N Engl J Med. 1996
- Casey Butt — Maximum Muscular Bodyweight & Measurements Calculator